Veelgestelde vragen over gebitsprotheses

Hieronder hebben wij de meest gestelde vragen over gebitsprotheses voor u op een rij gezet. Wij doen ons uiterste best u van alle informatie over dit onderwerp te voorzien. Mocht uw vraag er niet tussen staan, bel of mail dan naar uw tandartspraktijk.

Er zijn drie soorten gebitsprotheses: een volledige prothese, een gedeeltelijke prothese en een immediaatprothese.

Wanneer de keuze op een volledige prothese valt, kan er weer gekozen worden uit een kunstgebit, een overkappingsprothese, een klikgebit of een telescoopprothese.

Wanneer de keuze op een gedeeltelijke prothese valt, kan er gekozen worden uit een frame- of plaatprothese.

Een immediaatprothese is een prothese die direct geplaatst worden na het trekken van uw tanden en kiezen. Het beschermt uw tandvlees waardoor wondjes snel kunnen genezen.

Welk soort gebitsprothese je nodig hebt, hangt af van verschillende factoren, waaronder de conditie van je huidige gebit en je individuele behoeften. Het is belangrijk om een gesprek te voeren met je tandarts of een tandprotheticus om de beste optie voor jouw specifieke situatie te bepalen. Zij kunnen je adviseren over de verschillende soorten gebitsprothesen en welke het meest geschikt is op basis van jouw behoeften, budget en mondgezondheid. 

Een telescoopprothese is een overkappingsprothese die wordt geplaatst op telescoopkronen. Een overkappingsprothese is een (volledig) kunstgebit dat over wortels van eigen tanden en kiezen of implantaten heen valt.

Een plaatprothese is goedkoper dan een frameprothese, maar heeft ook nadelen. Aangezien de plaatprothese in z’n geheel op uw tandvlees steunt, kan een plaatprothese problemen aan het tandvlees geven. Daarnaast blijft voedsel makkelijker onder een plaatprothese zitten. Dat leidt sneller tot ontstekingen aan het tandvlees.

De frameprothese steunt gedeeltelijk op uw overgebleven tanden en kiezen en in mindere mate op het tandvlees. Uw tandvlees wordt daarom meer ontzien.

Overleg met uw tandarts welke prothese voor u het meest geschikt is.

Een kunstgebit is een soort volledige gebitsprothese. Naast een kunstgebit zijn een klikgebit, overkappingsprothese en telescoopprothese soorten volledige gebitsprotheses.

De frame- en plaatprotheses zijn soorten gedeeltelijke protheses.

Net als een gewoon gebit moet u ook uw gebitsprothese reinigen. Wanneer u dit niet doet, blijven er voedselresten achter op of onder uw prothese. Dit kan problemen geven. U kunt uw prothese als volgt schoonmaken:

  • Reinig de prothese dagelijks. Gebruik hiervoor speciale reinigingsmiddelen en een protheseborstel.
  • Spoel de prothese goed af voor u het terugplaatst in uw mond.
  • Als u uw prothese niet in de mond hebt (bijvoorbeeld ’s nachts), bewaar deze dan in schoon water of reinigingsmiddel.
  • Leg uw prothese nooit in heet water.
  • Gebruik geen bleekmiddel of schuurmiddelen.
  • Poets uw tandvlees en tong met een gewone tandenborstel.
  • Bij een overkappingsprothese: poets nadat de wondjes genezen zijn minstens één keer per dag de pijlers en de binnenkant van uw mond.
  • Bij een klikgebit: reinig de implantaten die boven het tandvlees uitsteken met een zachte tandenborstel en poets de binnenkant van uw mond.
  • Bij een frame- of plaatprothese: poets ook uw eigen gebit zorgvuldig met een zachte tandenborstel en fluoridetandpasta. Besteed extra aandacht aan het verwijderen van tandplak. Vooral op tanden en kiezen waar uw op prothese steunt.

Ja, in het begin zult u moeten wennen aan uw prothese. Dat is heel normaal. In het geval van een volledige prothese kan uw uiterlijk iets veranderen, omdat uw gezicht wat voller wordt. Ook praten kan wat onwennig zijn. U kunt bijvoorbeeld slissen en bepaalde klanken klinken anders. Hier hoeft u zich niet ongerust over te maken. Na een paar dagen gaat het al beter, zeker als u ook nog wat spraakoefeningen doet.

Ook met eten is het in het begin even aanpassen. Kies daarom zacht voedsel, snijd het in kleine stukjes en kauw voorzichtig. Na verloop van tijd kunt u zich aan steviger voedsel wagen.

Een prothese kan in het begin pijnlijk zijn, er kunnen gevoelige drukplaatsen ontstaan. Met eenvoudige, kleine correcties kunnen we dat goed te verhelpen. Ga in ieder geval nooit zelf aan uw prothese ‘knutselen’, daar wordt het zeker niet beter van. In het geval van een kunstgebit is het verstandig om die in het begin zoveel mogelijk in te houden, dus ook ’s nachts. Is uw mond eenmaal gewend aan het kunstgebit dan kunt u het ’s nachts uit doen. Blijft u pijn houden, neem dan contact op met uw tandarts.

De kosten van het plaatsen van een gebitsprothese hangen af van het type prothese dat u, samen met uw tandarts, kiest. Daarnaast zijn er, naast het vooronderzoek en de behandeling zelf, kosten voor de nazorg.  Voordat het behandelingstraject start, krijgt u van ons een begroting. Daar zult u verschillende tariefcodes van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) op terugvinden.

Bij Dental Clinics werken wij volgens de tarieven die door de overheid zijn vastgesteld. U vindt alle tariefcodes op deze pagina. De tariefcodes die horen bij het plaatsen van een gebitsprothese beginnen met de letter ‘J’ en ‘P’.

Voor meer informatie over de kosten en een voorbeeld van een begroting kunt u terecht op Mondzorgkosten.nl. Deze website is beschikbaar gemaakt vanuit de beroepsvereniging voor tandartsen (KNMT).

Is uw gebitsprothese kapot? Probeer deze dan niet zelf te lijmen. De lijm zal niet lang houden en reageert met de kunsthars waarvan uw kunstgebit gemaakt is. Hierdoor beschadigt u uw kunstgebit juist verder en wordt reparatie bemoeilijkt.

Maak bij een kapotte gebitsprothese meteen een afspraak bij uw tandarts. Een overzicht van al onze praktijken vindt u op www.dentalclinics.nl/tandarts.

Voor een afspraak of meer informatie zijn wij telefonisch bereikbaar